null

Sitie, Indische huisbediende

location: Huis Cour de Loo

Sitie heeft een wens

Passage uit een van brief Joan aan Arnout over Sitie’s mogelijke komst naar Londen<br />
<br />
Passage uit een van brief Joan aan Arnout over Sitie’s mogelijke komst naar Londen

source: Het Utrechts Archief, toegang 750, inventarisnummer 1428

Sitie heeft een wens

Van Sitie is geen geboortedatum, sterfdatum, achternaam of portret bekend. Dat is vaak het lot van tot slaaf gemaakten. Wie onderdrukt wordt, blijft slechts in het archief bewaard via de stemmen van anderen. Eén ding weten we wel van Sitie: ze wil graag terug naar huis. Wanneer Loten een tijd in Londen woont, verblijft Sitie bij zijn broer Arnout in Utrecht. Loten laat Arnout in 1761 in een brief weten dat hij denkt dat Sitie het wel leuk zou hebben in Londen:

 ‘In Londen zijn veel van die kastanjebruinen waarmee ze een wettig huwelijk zou kunnen aan gaan [...] Zulke zwartjes gaan hier zowel met een blauw, rood, groen, paars, wit of zwart hoedje op als English ladies zelve.’

Arnout antwoordt tien dagen later met het bericht dat Sitie liever terug wil keren naar Celebes.
 

Niet zomaar een bediende

Fragment uit aantekeningenboek van Loten over Sitie: “waar op mij met groote attentie gevraagd wierde dan is zij geen slaaff? ik antwoordde neen”<br />
Fragment uit aantekeningenboek van Loten over Sitie: “waar op mij met groote attentie gevraagd wierde dan is zij geen slaaff? ik antwoordde neen”
source: Het Utrechts Archief, toegang 750, inventarisnummer 1393

Niet zomaar een bediende

Sitie was door een lokale vorst tot slaaf gemaakt. Op verzoek van Loten schonk de vorst Sitie aan Loten en verscheepte haar naar Loten op Celebes. Daar werd zij huisbediende voor zijn dochter Arnoldina, die jong sterft. Loten is erg gesteld op Sitie, want als hij na Arnoldina’s dood naar Utrecht verhuist, neemt hij haar mee. Wanneer Loten naar Londen verhuist, mist hij Sitie in zijn huishouden. Dat is te merken in de brieven aan broer Arnout, waarin hij nadenkt over een leven voor Sitie in Londen. Na een tijdje komt Sitie, ondanks haar wens om terug te keren naar Celebes, toch naar Londen.

In Lotens aantekeningenboek, daterend uit de tijd dat hij in Londen woont, schrijft Loten dat hij aan zijn vrouw Lettice een ‘misslag met betrekking tot de meijd’ heeft bekend. Lettice vraagt vervolgens of Sitie een slaaf is, waarop Loten ontkennend antwoordt, ondanks het feit dat hij haar heeft gekocht. Dit doet vermoeden dat Sitie voor Loten meer is dan een bediende.  

Na Lotens dood

Een deel van het omvangrijke codicil (testament) van Loten<br />
<br />
<br />
Een deel van het omvangrijke codicil (testament) van Loten


source: Het Utrechts Archief, Youtube

Na Lotens dood

Sitie overleeft Loten, die in 1789 in Utrecht sterft. Ze wordt vermeld in zijn testament:

‘Ik verzoek mijn echtgenote vriendelijk om voor mijn Indische vrouwelijke bediende Sitie te willen zorgen, dat zij verdere instructie ontvangt in de Christelijke religie en dat zij haar loon van vier pond per jaar blijft genieten, waar door ze van haar kant verplicht is, indien nodig, haar tot haar tevredenheid te dienen.’

Vier pond is nu ongeveer €400 per jaar. Het testament laat zien dat Loten erg aan Sitie gehecht is en haar na zijn dood niet aan haar lot wil overlaten. Aan de andere kant toont het aan dat Sitie geen vrije vrouw was; ze krijgt dan wel wat geld, maar moet huisbediende en christelijk blijven. Opnieuw wordt er voor haar besloten. Sitie is waarschijnlijk in Utrecht blijven wonen tot haar dood, ze heeft Celebes nooit meer gezien.

Lees meer over Sitie op Sporen van Slavernij.
 

storyFeedbackQuestion